Gave Goudse prijsband uit Franse kasteelbibliotheek

Enige weken geleden kondigde ik aan, dat ik de hand heb weten te leggen op een bijzonder Gouds boek, afkomstig uit een Franse privebibliotheek, die met een omweg via PrijsbandCanada op weg was naar de stad waar hij werd vervaardigd. Althans, waar de boekband werd vervaardigd. Inmiddels is het kleinnood veilig gearriveerd en gecollationeerd en kan ik onthullen om welke uitgave het gaat. Het gaat hier om een uitzonderlijk gaaf zogeheten prijsboek van de Latijnse School in Gouda, met in het perkament van de voor- en achterplatten het stadswapen van Gouda in gouddruk weergegeven. Het boek zelf betreft een rijk-geïllustreerd klassiek werk over ‘de toestand in de wereld’ (De situ orbis) van de hand van de uit Zuid-Spanje afkomstige Pomponius Mela, die schreef rond 43 na Chr., met commentaren van diverse achttiende-eeuwse classici en geredigeerd door Abraham Gronovius. Het werk is gedrukt in Leiden bij Samuel Luchtmans in het jaar 1722. Vijf jaar later is dit werk in Gouda in de fraaie prijsband gebonden en uitgereikt aan een excellente leerling van de Latijnse School, als blijk van waardering voor zijn prestaties.

De naam van de prijswinnaar is ook bekend, omdat ook de originele ex praemio (prijsopdracht) is meegebonden. Deze werd na zijn examen in december 1728 uitgereikt prijsbladaan de leerling Sebastiaan van Nooten, wegens vertoonde grote progressie in het vijde leerjaar. De oorkonde is ondertekend door twee scholarchen (schoolbestuurders), de regenten W. van Kerckhoven en Arent van der Burch, en onderaan door de rector van de school, Arnoldus Henricus Westerhovius. Van Nooten was geen Gouwenaar, maar was een op 3 april 1713 geboren zoon van schepen Sebastiaan Willemsz van Nooten en diens tweede vrouw Agnes van der Geer uit het naburige dorp Haastrecht. De uitmuntende leerling ging een bloeiende maatschappelijke loopbaan tegemoet en zou uiteindelijk vele jaren deel uitmaken van het stadsbestuur van Gorinchem.

De uitzonderlijk goede kwaliteit van de band en het boekblok zelf, alsmede de provenance (eigenaarsgeschiedenis) van het werk, maken deze uitgave zeer bijzonder. Het boek heeft blijkbaar ook de bibliothecaris van de hertogen DSC07130van De Luynes – behorend tot de vertrouwelingen van opeenvolgende Franse koningen – kunnen bekoren, want hij heeft het weten te verwerven en ondergebracht in een bredere verzameling prijsbanden die een plek hadden in het kasteel van Dampierre. Deze bibliotheek uit het stadje Dampierre-en-Yvelines, in de vallei van de Chevreuse, was eeuwenlang een van de meest vooraanstaande particuliere bibliotheken in Frankrijk. Helaas zagen de eigenaren zich in 2013 genoodzaakt de totale bibliotheek te veilen. Het zegel met het wapen van kasteel Dampierre, in 1675-1683 gebouwd door Jules Hardouin-Mansart, is op het binnenplatten van de Goudse prijsband geplakt en vormt het bewijs dat dit boek ooit deel uitmaakte van deze voorname collectie.

Prijswapen

De uitmuntende kwaliteit van de stempeling van het gouden stadswapen op beide platten heeft er waarschijnlijk ook mee te maken, dat de Goudse Latijnse School net in het jaar daarvoor een nieuw stempel daarvoor had laten vervaardigen. In het notulenboek van de scholarchen, bewaard in het Streekarchief Midden-Holland te Gouda, lezen wij dat op 22 juli 1727 werd besloten “de nieuwe stempel of plaat, gemaackt om te teeckenen de boecken die tot prijzen aan de discipelen gegeven worden” in bewaring gegeven zal worden aan rector Westerhovius. Diezelfde rector bewaarde ook de boeken die in aanmerking kwamen om als prijsband te dienen, zo blijkt uit een aantekening in hetzelfde notulenboek van 1 september 1726. Het eigenlijke bind- en stempelwerk werd overgelaten aan een vakman, de boekbinder Abraham Staal, ook als boekdrukker werkzaam in Gouda tussen 1709 en 1745. Dankzij het notulenboek weten wij dus zelfs dat hij degene is geweest die de fraaie prijsband heeft aangebracht. De keuze van de laureaten lag in handen van de scholarchen, die zich daarbij uitaard lieten adviseren door de rector.

Het uitreiken van prijsboeken was een wijdverbreide gewoonte over de hele Republiek, waarmee grote, maar ook kleine Latijnse scholen niet alleen hun leerlingen trachtten te motiveren, maar hier speelde ook mee dat het stadsbestuur op die manier de naamsbekendheid van school en stad wilden vergroten. De oudst bekende prijsband uit Gouda stamt uit 1628. In deze vroege periode werd de band nog niet opgesierd met het stadswapen, maar met de naam of initialen van de prijswinnaar. Op het achterplat werd het jaar van uitreiking en de naam GOVDA in goud gestempeld. Met deze vorm van bestempeling week Gouda aanvankelijk af van de praktijk elders, waar in de meeste gevallen het stadwapen al werd gebruikt. In Gouda werd dit pas in de tweede helft van de zeventiende eeuw de gewoonte. Het wapenstempel op ons exemplaar toont een wapenschild met het stadswapen, voorzien van de zes sterren. Het wordt ter weerszijden vastgehouden door een klimmende, aanziende leeuw en het geheel rust op een console. In de systematiek van Jan Spoelder, schrijver van hét standaardwerk over prijsbanden in de Nederlanden, behoort het daarmee tot het type 4 van de Goudse wapenstempels. In de tweede helft van de achttiende eeuw werd dit stempel vervangen door een bijna identiek type 5, met als verschil dat toen ook nog de wapenspreuk per aspera ad astra (door de doornen naar de sterren) werd toegevoegd. Welke kleur sluitlinten mijn exemplaar oorspronkelijk heeft gehad, is moeilijk na te gaan. Slechts een klein fragment daarvan is overgebleven, met een oranje of flets rode kleur. Ik ga er dan ook van uit dat de linten de stadskleuren rood en wit hebben gehad, aangezien de prijsbanden die in het bezit zijn van het Goudse archief dit ook hebben.

Overigens werden in Gouda niet alleen prijsboeken aan de leerlingen van de Latijnse School uitgereikt. Al vanaf zeker 1652 werden ook verguldzilveren penningen uitgereikt , bestemd voor leerlingen die ad Academiam werden bevorderd. De voorzijde van deze penningen laat ook weer het stadswapen zien, terwijl aan de keerzijde in het Latijn de namen van de leerling, de curatoren en de rector genoemd werden. Het aardige aan deze DSC07131praktijk is, dat deze hedentendage ook nog in stand word gehouden door de erfopvolger van de Goudse Latijnse School, het Coornhert Gymnasium. Bij de diploma-uitreiking – die net als in de oude dagen op het koor van de Goudse Sint-Janskerk plaatsvindt – ontvangen de leerlingen die ter academie gaan nog steeds zo’n penning. Als trotse ouder heb enkele jaren geleden twee keer mee mogen maken dat een dochter van ons zo’n penning in ontvangst mochten nemen. Hoewel het niet past in het hedendaagse nivelleringsstreven, zou het toch het overwegen waard zijn om daarnaast ook enkele prijsboeken uit te reiken aan uitmuntende leerlingen.

REACTIE Aviva Boissevain, secretaris van de Vereniging Vrienden van het Gymnasium

Met belangstelling volg ik de berichtgeving op je website over de z.g. Prijsbanden.
In de vorige aflevering daarvan eindig je je bijdrage echter met een vraag die mij pijnlijk treft: de Vereniging Vrienden van het Gymnasium reikt al sinds jaar een dag Prijsboeken uit aan eindexamen gymnasiasten. Twee per school, voor de leerling met de beste resultaten voor Latijn resp. Grieks.

Vorig jaar deden wij dit met het Prijsboek ‘Toneel in de Oudheid’, een jubileumuitgave van het Nederlands Klassiek Verbond. Ook de jaren daarvoor werden de prachtigste boeken uitgereikt aan de leerlingen.

Twee jaar geleden heeft onze vereniging moeten besluiten om deze prijsboeken niet meer uit te reiken, om o.a. de volgende redenen:
1. op zeer veel gymnasia reiken de verschillende secties zelf al (prijs)boeken uit aan de leerlingen (niet alleen voor de klassieke talen, maar ook voor de moderne, bijvoorbeeld Beowulf voor Engels, en titels die ik niet ken voor de vakken Frans, Duits en Nederlands).
2. bij het overhandigen van de Prijsboeken van onze Vereniging lieten veel gymnasia na te vermelden dat het om een cadeau van de Vereniging Vrienden van het Gymnasium ging en deed de school alsof ze het cadeau uit eigen beweging verstrekten
3. de distributie om voor de ca. 8000 gymnasiasten die in Nederland jaarlijks eindexamen doen het prijsboek op de juiste plaats bij de juiste persoon bij de juiste gelegenheid te krijgen viel voor onze vrijwilligersorganisatie niet meer vol te houden.

Om die reden zijn wij overgestapt op het uitreiken van een oorkonde, opgesteld in het Latijn (daar het Grieks op de Grote – of Latijnse scholen doorgaans niet gebezigd werd, dat is pas door Alexander Hegius, rector aan de Latijnse School in Deventer, weer geïntroduceed, zo’n halve eeuw later dan op de scholen in alle andere landen van Europa), uit te reiken aan de Prijsboekkandidaten (die met de beste resultaten dus) voor zowel het Grieks als Latijn. In de bijlage bij dit bericht stuur ik je daarvan een voorbeeld.

Ook met het uitreiken van de oorkondes zijn wij na een experiment van enkele jaren nu echter opgehouden, omdat wij menen dat een gymnasiumopleiding meer is dan louter aandacht voor het Latijn en Grieks. Om die reden zullen met ingang van dit schooljaar alle eindexamenleerlingen een exemplaar ontvangen van het tijdschrift Amphora. Dit is een kwartaaluitgave van de Vereniging Vrienden van het Gymnasium, boordevol lezenswaardige artikelen over de grote verscheidenheid aan vakgebieden uit het brede gymnasiale spectrum (naast Latijn, Grieks en moderne literatuur ook bijdragen over plantkunde, muziek, wiskunde en archeologie).

Dit bericht is geplaatst in Nieuws. Bookmark de permalink.

Reacties zijn gesloten.